maandag 13 oktober 2014

Over olifanten en porselein

"Het lukt allemaal even niet meer," roep ik naar hem. Ik sta op mijn tenen om hem over de olifanten heen aan te kunnen kijken. Hij kijkt me meelevend aan en duwt een paar van de olifanten opzij om naar me toe te kunnen komen. De dikke olifanten waggelen een beetje heen en weer door de woonkamer en maken sloom plaats voor hem om te passeren. Als hij bij me is, pakt hij mijn hand en legt me nog een keer uit, dat die grote grijze dikkerd, die met zijn slurf de gordijnen van het plafond trekt, eigenlijk niet meer is dan een muis, die met al de wil van de wereld, de gordijnen nooit van het plafond los zal kunnen krijgen. Geduldig praat hij tot alle olifanten weer muggen en muizen zijn, maar zodra hij de kamer uit is, zie ik de kleine muizensnuit weer in een slurf veranderen. 

Sinds mei heb ik meer uren gekregen op mijn werk. "Fijn!" dacht ik, wat meer geld verdienen en meer tijd om al mijn taken uit te kunnen voeren. Maar in de praktijk is het vaak geen 36 uur wat ik werk, maar 38, 40 of zelfs meer. Prima voor de mensen die dat heerlijk vinden, maar het past niet echt bij mij. In het weekend ben ik uitgeput.
"Wat moet je allemaal nog doen dan?" vroeg mijn zus.
"Nou uh, niets dus eigenlijk," antwoordde ik.
Behalve de boodschappen en de badkamer soppen, doet mijn man alle huishoudelijke taken. De rest van het weekend doe ik niets en van alles. Sommige dagen wil ik niets anders dan de hele dag op de bank hangen, andere dagen wil ik vol proppen met creatieve projecten en ben ik veel te rusteloos om stil te zitten. Maar de dingen die ik echt wil doen, zoals schrijven aan mijn boek, die stel ik uit. Geen energie en geen rust in mijn hoofd.

Op mijn tenen ga ik voetje voor voetje haar porseleinen kamer door. Heel voorzichtig ontwijk ik haar tafeltjes en stoeltjes, bang dat ze kapot vallen als ik er al naar kijk. 
"Ga maar zitten," zegt ze en glimlacht.
Ik weet niet zeker of die glimlach wel echt voor mij is. 
Behoedzaam neem ik plaats. Het stoeltje blijft heel en ik haal opgelucht adem. Dan kijk ik achter me en zie grote zwarte moddervlekken zoals ik gelopen ben van de deur naar de stoel.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen